De Victoriaanse Kras

Straks, als het licht word, moet ik afscheid nemen van een wagen waarover ik reeds enige jaren mag beschikken.
'Beschikken' zeg ik want het is een wagen van het bedrijf.
Deze wagen is twee maal ontsiert geweest door een nerveus getrokken kras aan de passagierszijde.
'Geweest' zeg ik, maar dat is niet helemaal juist.

De eerste kras.
De eerste kras beperkte zich tot slechts een enkele plaat van het koetswerk.
Mogelijk is het omdat ik tekenaar ben, maar ik zag onmiddelijk 
dat dit een lijn was die door mensenhanden, onhandige mensenhanden gedaan was.
Schichtige en gehaaste handen. Handen van iemand die rondkijkt en dus niet ziet wat hij doet.

Ik ken de buurt waar het is gedaan, want ik ben er opgegroeid.
En daarom kon ik vermoeden waarom dit mogelijk was gedaan.
En daarom kon ik een zekere pijn voelen : niet voor de kras - die kon me niet deren -
maar de pijn die de oorzaak kon zijn van deze kras. 
Ik schrok van mijn eigen reactie. Want ik kende deze pijn zelf nog van vroeger, maar was hem reeds lang vergeten.

De volgende ochtend meldde ik de kras en liet hem verwijderen, zoals van mij verwacht werd.
Ik betaalde wat niet van derden kon worden gevorderd - wegens onbekend - 
en relativeerde vlot het klein financieel verlies.

De tweede kras.
Relativeren heeft zijn grenzen, want enige weken later mocht ik een nieuwe kras ontvangen.
Mijn reactie was dit keer beduidend anders. Ik was woedend. 
En zoals ik geleerd heb wijst woede op onmacht.
Onmachtig was ik inderdaad. Onmachtig, want in het besef dat deze kras een vervolg kon zijn,
een vervolg in een verhaal dat mogelijk nog lang zo door kon gaan.

Maar ook bij deze kras heb ik de lijn gelezen.
Ze was 3 maal zolang en besloeg 3 koetswerkplaten.
Ze was aangebracht aan dezelfde zijde van de wagen, en liep van aan de bovenrand van de motorkap tot aan het einde van de tweede deur. 
Ze begon zeer diep en was dus met kracht aangezet - allicht met een autosleutel, die loodrecht naar beneden werd geduwd.
Naarmate de kras langs de zijkant van de wagen kwam nam de kracht ook af. 
Op de plaats waar ze het lichts was aangezet, was een kleine lus gemaakt.
Zo las ik een diepe haat, die naarmate de lijn vorderde, uitmonde in een speelse opluchting. 
Een laatstse satanisch grijnsje in de vorm van een frivool lusje.

Ik heb toen de alternatieven overwogen wat te doen met deze kras, 
en heb besloten dat slechts 1 voor mij in overweging kwam : ik zou met de kras blijven rijden. 
Zoals ik al zei : een kras deert me niet.
Als gevolg zou ik op die manier de cyclus (die ik vermoedde) stoppen.
Als gevolg zou ik geen oorlog aangaan die ik niet kon winnen, en die een kras voor mij niet waard was.
Als gevolg zou ik vrij van angst kunnen rondrijden.

Ik ben de kras al snel vergeten. Tot vandaag. En nu is er een nieuwe angst.
Want straks, als het licht wordt, moet de wagen worden ingeleverd en zal daar staan een kras als een stigma.
Er zal mij worden verteld dat een kras een waarde heeft. Ook al kan je een kras niet kopen.
Er zal mij worden verteld dat ik niet gedaan heb wat mijn plicht was. Als ware de misdaad van de kras mijn eigen misdaad.
En ook al blijf ik overtuigd van mijn keuze, ik zal moeite hebben mij te verklaren.

En dus overdenk ik nu de waarde van een kras.
De waarde voor mij.
De waarde voor hen.
De waarde in geld.
De waarde in schuld.
De waarde voor de dader.
De waarde voor het slachtoffer.
De waarde in angst.
De waarde voor de koper die geen wagen met een kras wil.
De waarde voor de koper die net wel een wagen met kras wil omdat deze wagen nu goedkoper is, want de vorige koper wilde geen kras.

De waarde van de kras als stigma.
Maar vooral de waardeloosheid van een kras. 
En hoe zo'n waardeloze kras een invloed op mij heeft. 
Een invloed die ik niet wil, maar waar ik niet onderuit kan.

Ik zag daarnet de film "Age of Innocence", over het versmachtende van de victoriaanse levensregels.
Dat de mensen in die tijd niet onder die regels uit konden, zelfs al waren ze het er niet mee eens, dat irriteerde me ma-te-loos.

Maar wat kan ik zeggen ? 
Ik leef in een wereld waar zelfs een kras zo veel betekenissen heeft, en ook al aanvaard ik die niet...ik kan er evenmin onderuit.

Een victoriaanse kras.

Antwerpen, 15 Juni 2006. Straks, alst het licht wordt, rij ik rond in een nieuwe onbekraste wagen. Terug in angst. Maar morgen is het Bloomsday.
Terug naar overzicht