Geen bloem. Het is heet, maar ik loop toch. In korte broek, met zweetband. Tweemaal links en dan rechtdoor totaan de ingang. Nooit eerder had ik gelopen en nu dus elke dag. Het gaat beter, steeds beter. Maar de rondes worden niet korter. Want ik blijf langer bij je staan. Tenzij het regent. En steeds zonder bloem.